Menu

Economische impact coronavirus binnen de sportsector

18 maart 2020

Het is op dit moment lastig om de financiële schade van de corona-crisis voor de sport in Nederland exact te becijferen. Deze loopt van enkele duizenden euro’s voor de ene sportbond tot in de tientallen miljoenen voor de andere. Een groot deel van de gevolgen komt voor rekening van lokale sportaanbieders, zowel verenigingen als ondernemers. Maar ook de sportbonden en de organisatoren van evenementen worden hard geraakt en in een aantal gevallen, net als veel ondernemers, in hun voortbestaan bedreigd.

 

De grootste schadeposten tot 1 augustus zijn:

Weggevallen contributies sportverenigingen € 140 miljoen
Inkomstenderving kantines. € 150 miljoen
Afgelasting of uitstel van (grote)
Sportevenementen € 200 miljoen
Inkomstenderving lokale ondernemers in de sport € 300 miljoen
Betaald voetbal. €110 miljoen
Inkomstenderving sportbonden. € 50 miljoen
 

Totale Geschatte schade voor de sportsector tot 1 augustus € 950 miljoen

 

De maatregelen ivm het Coronavirus hebben een enorme impact op de Nederlandse samenleving en daarmee ook op de sportsector. Het komt er in de praktijk op neer dat de sport in Nederland stil is komen te liggen. Competities liggen stil, alle verenigings- en clubactiviteiten zijn afgelast. Accommodaties, zwembaden en sportclubs zijn gesloten. Ook alle evenementen zijn afgelast, vooralsnog tot 6 april. Wat er na 6 april gaat gebeuren is niet duidelijk, maar het moge duidelijk zijn dat zelfs als er weer gesport kan worden deze klap nog lang zal doorwerken. Dat er niet gesport kan worden is voor veel sporters vooral heel erg vervelend. Maar helaas zit er ook een economische kant aan deze sluiting van de sport. Het gaat dan om zowel gederfde inkomsten uit bijvoorbeeld deelnemersbijdragen, ticketing en sponsoring, maar ook om reeds gemaakte kosten voor activiteiten die niet door kunnen gaan. Hoewel het op dit moment lastig is in te schatten hoe groot de totale financiële pijn voor de sportsector exact gaat zijn wordt in deze notitie een beeld geschetst van de economische schade die te verwachten is. Voor nu wordt de economische schade voor de sportsector geraamd op 950 miljoen euro tot en met augustus. Deze raming is gebaseerd op een inventarisatie via de sportbonden, koepelorganisaties binnen de sport en andere signalen uit de sector. Het recente door KPMG opgestelde Brancherapport Sport vormt ook een belangrijke bouwsteen voor deze raming. Daarbij richten we ons in eerste instantie op de periode tot augustus. Het is aannemelijk dat de getroffen maatregelen niet (allemaal) per 6 april worden beëindigd. Bovendien zullen deze sowieso tot aan de komende zomer doorwerken.

 

Inventarisatie via sportbonden
Alle bij NOC*NSF aangesloten sportbonden zijn gevraagd om een inschatting te maken van de kosten en gederfde inkomsten in verband met de corona-crisis voor zichzelf en voor de bij hen aangesloten verenigingen en clubs. Het beeld wat hieruit naar voren komt is divers, maar dat er een grote financiële impact is, staat als een paal boven water. Verenigingen De bij de bonden aangesloten clubs en verenigingen worden geconfronteerd met het van de ene op de andere dag stilleggen van alle activiteiten en het sluiten van de accommodaties. Een belangrijke inkomstenbron is de sport gerelateerde horeca. De kantines moeten dicht en (een deel van) de aanwezige voorraad kan vernietigd worden. Het 1 maand sluiten van de sport gerelateerde horeca betekent een omzetdaling van ruim € 30 miljoen. Als deze periode tot 1 augustus duurt loopt dit zelfs op tot €150 miljoen. Daarnaast missen sportverenigingen ook inkomsten uit kaartverkoop bij wedstrijden, loterijen en andere clubkasversterkende activiteiten. Sponsors, zelf ook vaak middenstanders die nu getroffen worden, haken af. Zo heeft bijvoorbeeld de KNVB de totale financiële gevolgen voor alleen het (lokale) amateurvoetbal tot 1 augustus al becijferd op € 90 miljoen. Daarnaast zien we nu al dat leden ervoor kiezen hun lidmaatschap op te zeggen, hoogstwaarschijnlijk vanuit de financieel onzekere situatie waarin ze nu zelf zijn komen te verkeren. Dit zien we vooral bij sporten waar de contributiedruk hoger is vanwege accommodatiekosten en/of de inzet van professionele trainers. Denk bijvoorbeeld aan turnen en de zwemsport. De aanwas van nieuwe leden is stil komen te liggen en het zal niet eenvoudig zijn de nu vertrekkende leden snel terug te winnen. De impact hiervan ramen we vooralsnog voor de hele stroom van contributiegelden op zo’n 20%. Dat betekent een verlies van € 140 miljoen, waarvan ruwweg € 110 miljoen bij de lokale sportverenigingen terecht komt en € 30 miljoen bij de sportbonden via directe of indirecte afdrachten. De sport kenmerkt zich door de inzet van vele vrijwilligers en een grote maatschappelijke waarde. Maar die vrijwillige inzet kan niet zonder een kern van professionals. Zoals trainers, coaches, instructeurs verenigingsmanagers, organisatoren. En die kern staat nu onder druk.

 

Evenementen
Er is inmiddels al een aantal grote evenementen afgelast of uitgesteld vanwege het corona-virus. Dit raakt onder meer de betrokken bonden, organisatoren en sportmarketing- en evenementenbureaus. Inkomsten vallen weg terwijl kosten wel zijn gemaakt. De daadwerkelijke financiële schade hangt af van de afspraken die gemaakt zijn met leveranciers, sponsors en subsidieverstrekkers. Het gaat op dit moment al om een schadepost van tientallen miljoenen. Ook bij een eventueel verzetten van het betreffende evenement, zoals zojuist gebeurd met het EK Voetbal 2020, lopen de kosten door gezien de vereiste inspanning om tot nieuwe plannen te komen. De kosten kunnen niet gedekt worden door extra inkomsten aangezien er geen nieuwe verdienmogelijkheden kunnen worden opgezet.
Om een indicatie te geven van de evenementen die getroffen worden, het gaat (zonder compleet te zijn) onder andere over de World Cup BMX, het EK Squash Teams, de Invictus Games, het EK Voetbal 2020, het OKT Beachvolleybal en de Start van de Ronde van Spanje (La Vuelta). De totale schadepost in het kader van (grote) sportevenementen voor de betrokken partijen in Nederland ramen wij tot 1 augustus op € 200 miljoen.

 

Ondernemende sportaanbieders
Lang niet alle sporters in Nederland zijn actief via vereniging of bond. Veel mensen maken gebruik van de ondernemende sportaanbieders zoals fitnesscentra, golfbanen, klimhallen, squashcentra, zwembaden en maneges. Ook dit deel van de sportsector wordt hard getroffen. Alle activiteiten zijn stilgelegd terwijl de vaste kosten voor accommodatie en personeel voor een belangrijk deel doorlopen. Mensen betalen per keer dat ze sporten of via een lidmaatschap dat relatief eenvoudig op te zeggen is. De branchevereniging voor beweegaanbieders (met name fitness) NL Actief ziet nu al een sterke terugloop in het klantenbestand van haar leden. De verwachting is dat dit zich zeker niet voor de zomer zal herstellen en ze gaat daarom nu al uit van een schade voor de fitnessbranche van €150 miljoen. Het Platform Ondernemende Sportaanbieders, waar naast de NL Actief ook golf, squash, zwembaden en maneges vertegenwoordigd zijn ziet voor haar achterban tot 1 augustus een schadepost van bijna € 300 miljoen (inclusief fitness). Daarbij moet worden opgemerkt dat de meeste ondernemende sportaanbieders zich onder de huidige condities slechts één of enkele maanden van totale stilstand kunnen permitteren voordat zij op een faillissement afkoersen.

 

Betaald voetbal
Voor het Nederlandse betaald voetbal wordt de financiële schade, afhankelijk van spelen met of zonder publiek, beoogd op 5 - 110 miljoen voor betaald voetbalorganisaties.
Sportbonden Bonden hebben zelf met diverse kostenposten te maken. Zo zijn er diverse programma’s (zowel topsport als sportparticipatie) die van het ene op het andere moment stil zijn gelegd. Gemaakte kosten voor de huur van accommodaties, inzet van professionals, vliegtickets en hotels gaan verloren. Dit gaat voor een aantal bonden om substantiële bedragen. Als voorbeeld de KNBSB (honkbal), die nu al geconfronteerd wordt met een kostenpost van bijna een kwart miljoen euro vanwege geschrapte toernooien. Daarnaast vallen inkomsten weg die bonden normaal genereren bijvoorbeeld via het aanbieden van cursussen of andere activiteiten zoals trainingen, evenementen, daglicenties, verkoop van materialen en diensten en certificering van sporters (bijvoorbeeld trainers, duikbrevetten of golfvaardigheidsbewijzen). Zo houdt bijvoorbeeld de triatlonbond rekening met het wegvallen van €350k aan deelnemersbijdragen en daglicenties tot 1 august. Ook op het gebied van sponsoring, partnerships en inkomsten uit media(rechten) zijn er inkomsten die wegvallen. Doordat alle sectoren lijden onder de huidige corona-crisis is de verwachting dat het effect nog lang zal na-ijlen en ook zal doorwerken in bijvoorbeeld beschikbare sponsorbudgetten voor de komende jaren. Bij verschillende bonden lopen op dit moment besprekingen over het voortzetten van sponsorcontracten voor ná deze Olympische cyclus, en deze besprekingen staan nu zwaar onder druk. De totale inkomstenderving voor sportbonden wordt op dit moment geschat op 50 miljoen.

 

Bron: NOC*NSF